Familie in Christus

CIMG3459
Middeleeuws kerkelijk mozaïek, tentoongesteld in Het Louvre, Parijs

Broers en zussen, zo noemen christenen elkaar. En eerlijk gezegd, met zijn allen lijken we ook wel sterk op een normale familie. In elk familie liggen broers en zussen soms met elkaar overhoop. De één denkt dat pa of ma het liever zo had gewild, de ander denkt weer van niet. In een ander gezin heeft de ene broer wat gezegd, wat de andere zus niet zint of anders om. De christelijke kerk lijkt daarop, in al haar verscheidenheid, liggen broers en zussen in Christus ook met elkaar overhoop. Misschien wordt het tijd voor iets als het tv-programma “Het Familiediner”, maar dan voor kerken.

Als ik er meer over nadenk, hoeft zo’n tv-programma helemaal niet. Al heel lang bestaat er een beweging vanuit verschillende kerken, die een dergelijke verzoening tot stand wil brengen. Het is de oecumenische beweging. Oecumene is de term voor de kerken die verbinding met elkaar zoeken. Wat hebben ze gemeen en op welke manier kunnen ze van elkaar leren om goede discipel van de Heer te zijn?

In de twintigste eeuw kreeg deze beweging een enorme boost. Belangrijke wapenfeiten hierin zijn de oprichting van de Wereldraad van Kerken in 1948, die nog steeds wereldwijde conferenties heeft en ook per land en plaats oecumene nastreeft. Voor de deelname van de Rooms-Katholieke Kerk is het Tweede Vaticaans Concilie in de jaren zestig bepalend geweest.
Afgelopen woensdag, 8 april, hield mgr. De Korte de Groen van Prinstererlezing. Dit is een jaarlijkse lezing, die wordt verzorgd door het Wetenschappelijk Instituut van de ChristenUnie, een van oorsprong protestantse partij. In zijn voordracht ging de bisschop in op de vruchten van de oecumenische beweging en op politiek op confessionele grondslag.

Ik heb het als zeer inspirerend ervaren en ook de gesprekken in de wandelgangen waren erg goed. Het betrok mij weer eens bij het familiaire karakter van de kerk. We kennen als kerkgangers allemaal een nestgeur waar we ons het beste bij thuisvoelen, maar je blijft toch familie.

Ieder met je eigen huis en thuis als kerkganger, maar verbonden met elkaar, door Christus. Jezus is in alle opzichten onze Heer en Heiland, maar ook onze grote broer in het huisgezin van God. Als er iemand is die voor ons als gelovigen het Familiediner zou willen inschakelen is Hij het wel. Sterker nog. Elke zondag nodigt de Heer ons zelf aan tafel. Als we aan tafel gaan, weten we ons verbonden met Hem, maar weten wij ons ook verbonden met elkaar. Alles wat tussen mensen en God, maar zeker ook tussen mensen onderling in de weg staat, mogen we bij God neerleggen. Hij neemt het van ons af in Eucharistie en Avondmaal. Daardoor gaat de weg naar elkaar weer open.

Deze houding kwam naar voren op de avond bij de ChristenUnie en proef ik ook in allerlei gesprekken tussen de Paus en bijvoorbeeld de Patriarch van Constantinopel. Zelf ben ik kortgeleden “verhuisd” van kerk. Ik blijf me in mijn hart verbonden voelen met de PKN waar ik vandaan kom en met alle andere kerken, waarin mijn broeders en zusters zitten. Die verbondenheid vormgeven is denk ik taak van elke gelovige. Of dit nu op politiek, interkerkelijk of gewoon op normaal menselijk niveau is.

Met Pasen gaat Jezus de leerlingen voor naar Galilea. Voor zijn hemelvaart (wat we over een paar weken vieren) zendt Hij ze de wereld in. Nog steeds staan we als christenen midden in de wereld. Nog steeds mogen we laten zien hoe mooi het is om samen familie te zijn en op weg te zijn met onze Grote Broeder. Christus Jezus. Geen makkelijke familie hebben wij wereldwijd, maar intrigerend, inspirerend en bijzonder blijven al mijn zusters en broeders, keer op keer.

Dat wij elkaar altijd blijven zoeken, want familie, dat blijf je!